Tip: Hoogte!

Het blijft vaak een lastig punt in kleine tuinen: hoogte. Een grote valkuil voor eigenaren van kleine tuinen is om in het klein te denken en dus worden er vooral kleine, lage planten aangeschaft. Eenmaal thuis en alles aangeplant is het geheel ongezellig en lijkt het alsof je Madurodam dichtbij huis hebt gehaald, het enige dat nog ontbreekt zijn de huisjes en molentjes.

Er is een vuistregel voor het kiezen van planten in je tuin die stelt dat de helft van de beplanting hoger moet zijn dan 90 cm. Nu zijn vuistregels er vooral om gebroken te worden en deze vuistregel lijkt voor kleine tuinen lastig te realiseren, maar geloof mij dat je tuin er veel gezelliger en gebalanceerder uitziet wanneer je aan deze vuistregel voldoet. Overigens hoeven de planten niet jaarrond 90 cm hoog te zijn, dus je bent niet beperkt tot struiken en bomen. Denk ook eens aan snelgroeiende vaste planten, siergrassen en klimplanten.

Hoge planten, zeker vaste planten, hebben het vooroordeel aan zich kleven dat ze veel onderhoud vragen, omvallen en opgebonden moeten worden. Dat vooroordeel komt doordat planten in de laatste honderden jaren steeds verder doorgekweekt zijn en we steeds grotere bloemen wilden. Een pioenroos redt het inderdaad niet om te blijven staan zonder hulp, de bloem is dan ook buitenproportioneel groot ten opzichte van de tak waar hij op staat. Maar de zonnehoed, kogeldistel, sedum of aster vallen eigenlijk nooit om, om maar wat soorten te noemen. Aan deze soorten heb je dan ook bijna geen onderhoud, eenmaal snoeien per jaar moet te doen zijn toch? Kies je (hoge) planten dan ook slim!